Breuken
Breuken vermenigvuldigen en delen:
Bij breuken heb je te maken met tellers en noemers. De teller is het bovenste getal in een breuk. Deze telt het aantal stukjes. De noemer is het onderste getal in een breuk. Dit is hoe de breuk heet. 5/8 betekent dus; ik heb 5 stukjes van 1/8.

Vermenigvuldigen:
Dit jaar zul je geregeld sommen tegenkomen als: 3/4 x 6 =
Als je niet weet wat je moet doen is het ontzettend moeilijk. Eerst moet je de som natuurlijk begrijpen.
Hier staat het volgende: Ik heb 3 stukjes van 1/4. Deze 3 stukjes moet ik x 6 doen. Ik heb dus nu 18 stukjes van 1/4, oftewel 18/4.
Ik weet dat 4/4 hetzelfde is als een hele. 16 stukjes is dus hetzelfde als 4 hele en dan houd ik nog 2/4 over. Het antwoord is dus 4 2/4 à 4 1/2
Nou kun je ook twee breuken vermenigvuldigen, zoals: 1/2 x 3/4 =
Ook deze som moet je eerst begrijpen, anders snap je niet wat je moet uitrekenen.
Hier staat: wat is de helft van 3/4?
De helft van 3 stukjes, kan natuurlijk niet, dus maak ik een gelijkwaardige breuk die ik wel door de helft kan doen. 3/4 is hetzelfde als 6/8, oftewel 6 stukjes van 1/8.
Deze 6 stukjes kan ik wel delen door 2. Het antwoord is 3/8.
Het trucje werkt als volgt: Vermenigvuldig de tellers met elkaar (1 x 3) en vermenigvuldig de noemers met elkaar (2 x 4). De antwoorden zijn 3 en 8, oftewel 3/8.
4 6 24 3
― X ― = ― = ―
5 8 40 8
Kijk maar: de tellers en de noemers zijn vermenigvuldigd. Daarna heb ik de breuk kleiner gemaakt door de teller en de noemer te delen door 8.
Delen:
Bij delen met breuken werkt het precies andersom. Kijk maar naar de volgende som: 4 : 2/3 =
Er staat: Ik heb 4 pizza’s. Hoeveel keer 2/3 pizza kan ik ervan afhalen?
Dan moet ik eerst weten hoeveel stukjes van 1/3 er in 4 pizza’s zitten.
1 pizza heeft 3 stukjes van 1/3. 4 pizza’s hebben dus 12 stukjes van 1/3. Ik heb dus 12/3. Hoe vaak kan ik hier 2/3 van afhalen? 12 : 2 = 6.
Het antwoord op de som is dus 6.
Het kan nog moeilijker. Kijk maar naar de volgende som: 3/4 : 2/3 =
Jullie ouders zullen het volgende trucje ongetwijfeld nog kennen. Delen door een breuk is vermenigvuldigen met het omgekeerde. Dit betekent dat je de teller en de noemer van de tweede breuk omwisselt.
De som wordt nu: 3/4 x 3/2. De tellers vermenigvuldigen (3 x 3) en de noemers vermenigvuldigen (4 x 2). Het antwoord is dus 9/8 of 1 1/8
Als je erg moeilijk vindt, is hier een site waar je breukensommen kunt oefenen en nakijken: www.breukenoefenen.nl.
Meester Mark
Inloggen
14-03-2012 Project werkbezoek
14-03-2012 O&O&O- markt
14-03-2012 Project werkbezoek
14-03-2012 O&O&O- markt
Deze school maakt deel uit van:
De Federatie Utrechtse Heuvelrug
De Federatie Utrechtse Heuvelrug